kweken met loris
Dankzij de positieve ontwikkelingen in de voeding van loris zijn er de laatste jaren grote vooruitgangen geboekt met het kweken. Dit wil echter niet zeggen dat alle soorten even gemakkelijk te kweken zijn. Bijvoorbeeld Arfak loris en Purperkap loris zijn veel moeilijker te kweken dan bijvoorbeeld een Rode lori of een Groennek lori. De moeilijkheid ligt vaak aan de wijze waarop de broedblok gemaakt moet worden, aan de temperatuur en vochtigheid waarop ze tijdens de kweek gehouden moeten worden of domweg de samenstelling van het paar.
De meeste liefhebbers kweken loris in zelfgemaakte horizontale of vertikale broedblokken, gemaakt van multiplex. De grootte is veelal afhankelijk van de grootte van de vogel. Als nestmateriaal wordt meestal houtschavelingen gebruikt.
Laat de broedblok het hele jaar door hangen want lori's slapen ook hierin. Ze zullen bepalen meestal zelf wanneer ze een pauze nodig hebben.
Zoals al eerder vermeld leggen de meeste loris slechts twee eieren, alleen de Geelkop lori (Trichoglossus euteles) kan 3 tot 4 eieren leggen. De broedduur varieërd van 21-23 dagen voor de kleinere soorten tot 24-26 dagen voor de grotere. De duur dat de jongen in het nest verblijven varieërd sterk van soort tot soort, de korste tijd is 5 weken en de langste 13 weken.
Soms is het nodig om een extra verwarmingsplaat aan te brengen tegen de broedblok, vooral bij de kleinere soorten. Omdat de jonge loris hun ontlasting doen in de blok is het noodzakelijk om het nestmateriaal regelmatig te vervangen; hoevaak hangt af van de soort, de voeding, de luchtvochtigheid en de temperatuur. |